![]() |
Bram Nuytinck: ''Nederlaag komt niet superhard aan'' |
![]() |
NIDV: Eagles schiet Bolton ronde verder, Kivuvu naar Zweden |
![]() |
NECToday.nl Wintertransferdossier [closed] |
Cruden kwam in de zomer van 1993 over van de plaatselijk Cambuur uit Leeuwarden. Vanaf dag één accepteerden de NEC supporters hem. “Hoe dat komt? Als ik heel eerlijk ben heb ik totaal geen idee”, begint hij zijn verhaal. “Ik denk dat de het komt doordat ik altijd, vanaf het eerste moment dat ik het rood-groen-zwarte shirt mocht aantrekken, mijn stinkende best heb gedaan. Ik heb altijd 100% mijn best gedaan en de supporters zagen dat en waardeerden dat. Ik heb nooit de kantjes ervan af gelopen en dat sloeg over op de supporters. Nog steeds heb ik goed contact met supporters. Als ik ze op straat tegenkom maken ze nog steeds een praatje met me, dat vind ik heel leuk”.
In die zes jaar tijd dat de in Amsterdam opgegroeide speler bij NEC speelde waren zijn vele blessures zijn dieptepunt. “Ja, daar baalde ik flink van. Je bent toch voetballer en als je dan geblesseerd bent maak je toch op een andere manier deel uit van het team. Vooral mijn laatste twee jaar kon ik nauwelijks meer normaal tegen een bal trappen, zoveel blessures heb ik gehad. Verder vond ik het ook vervelend voor NEC, ze betalen je toch om te spelen en niet om op de tribune te zitten”.
Over zijn hoogtepunt hoeft de 42 jarige middenvelder niet lang na te denken: de bekerfinale van 1994 tegen Feyenoord. “Die wedstrijd was de mooiste uit mijn carrière. De hele dag beleefde ik als een roes. Pas later ga je dan terug kijken en zie je pas hoe fantastisch het allemaal wel niet was. Het begon al bij de Goffert. Daar stonden vele supporters die ons aanmoedigden en complimenteerden. Toen we in de bus zaten op weg naar Rotterdam (speelplaats van Bekerfinale, red.) zagen we tot aan de snelweg allemaal NEC supporters. Echt geweldig. Toen we in de Kuip waren keken we eerst met de gehele selectie naar een jeugdwedstrijd van NEC. Langzaam zag je de Kuip vollopen. Ja, het was écht het hoogtepunt uit mijn tijd bij NEC, al had ik die finale wel winnend willen afsluiten”.
In 1999 neemt Cruden in een half afgebroken Goffert afscheid van de supporters. NEC laat zijn contract ontbinden en Cruden vertrekt naar Groesbeek. Daar speelt hij vijf seizoen voor De Treffers. Daarna stopt hij definitief met voetballen en begint een carrière als coach. “Ik ben nu zo’n vijf jaar trainer. Voorheen bij SV Orion. Nu ben ik trainer bij NEC, bij de D onder 11 zoals ze dat noemen. Dat combineer ik met het trainerschap van het eerste van Quick 1888 (waarmee hij bovenaan staat in de Derde Klasse D., red). Dat valt goed te combineren, alhoewel ik het soms wel druk heb vanwege mijn derde baantje”. Wat als het trainerschap bij NEC en Quick niet meer te combineren valt en hij een keuze moet maken? “Dan kies ik toch voor de jongere jongens bij NEC. Ik vind hen training geven net iets leuker. Maar voor er misverstanden ontstaan: ook het eerste van Quick train ik graag”.
Op de vraag of Cruden nog contact heeft met oud NEC spelers waar hij samen mee heeft gespeeld kan hij kort zijn. “Nee, eigenlijk met bijna niemand. Alleen oud keeper Wilfried Brookhuis spreek ik vaak. Dat komt doordat ik dus trainer ben bij NEC en hij is hoofd opleidingen. Daarom overleggen we veel over hoe de zaken ervoor staan. Met andere oud spelers heb ik geen contact meer. Ieder gaat toch zijn eigen weg.”
Enkele spelers worden na hun carrière als speler hoofdtrainer bij een BVO. Cruden ziet dat echter niet zitten. “Ik heb daar geen behoefte aan. Ik heb het zelf ook meegemaakt bij mijn periode bij NEC. Als trainer heb je toch te maken met stress en druk en dat is niets voor mij.” Is er dan helemaal geen mogelijkheid dat we Cruden ooit terug zien langs de velden van de Eredivisie? “Zeg nooit nooit maar op dit moment richt ik me op het trainen van de jeugd.”
Tot slot vragen we Cruden of hij het huidige NEC succes kan verklaren. Net als veel andere supporters heeft ook Cruden hier geen direct antwoord op. Hij denk dat de sleutel bij het aankoopbeleid ligt en bij NEC-trainer Mario Been. “Het is allemaal vorig jaar al begonnen. Je hebt ten eerste een goede trainer nodig. Dat is Mario Been. Ook in slechte tijden moet je aan je eigen werkwijze blijven vasthouden en dat deed Mario. Hij werkt met gevoel en weet spelers op scherp te zetten. Dat is in mijn ogen de sleutel tot succes. Net als het aankoopbeleid. Voor de vetrokken spelers zijn goede vervangers terug gehaald en zo is er voor gezorgd dat er een goede selectie is. Maar dat betekent nog niet dat het normaal is wat NEC presteert. Ik vind het echt ongelofelijk knap dat NEC nu nog op drie fronten meedoet. In mijn ogen verdienen Mario Been en zijn mannen dan ook alle credits”.